Hoofdstuk XI: Eigengereide geldinzameling

De winter van 1890-1891 was uitzonderlijk hard. Met een vijftal dagen onder -10° was zelfs de zee bevroren. Ook te Blankenberge waren er gezinnen die de verwarming van hun huis niet konden betalen

In dit verband lezen we in de zitting van het Armbestuur van 27 maart 1891: “In de derde plaats, beslist de vergadering met eenparigheid de fondsen te revendikeeren die verleden winter ingezameld zijn geworden door bijzonderen ten behoeve der armen.”

Tot deze ‘bijzonderen’ die zonder toestemming van het gemeentebestuur een inzameling voor de armen hadden gehouden en op die manier geld aan het Armbestuur hadden onttrokken, behoorden behalve het trio De Saedeleer-Gadeyne-Wauters ook Alexander Verhaeghe (zie verder) en Felix 
Vandevelde.

Beide partijen wilden zelfs zover gaan en er een rechtszaak van maken. Maar het conflict zal wel niet erg diep gezeten hebben, want een paar jaar later, op 1 januari 1894, wordt Jules Gadeyne lid van dit Armbestuur.

Een en ander toont de sociale bewogenheid van deze mensen. En het pleit zeker ook voor Valerius De Saedeleer dat hij nog aan anderen dacht, want hij moet toen toch al zelf in nauwe schoentjes gezeten hebben.

Lees verder in Hoofdstuk XII.